Antwoord op “Weert smacht naar een goed voorbeeld”

In Dagblad de Limburger stond donderdag 11 april een interview met wethouder Wendy van Eijk over de perikelen rond het realiseren van een grootschalige opvang van arbeidsmigranten. Klik hier voor de tekst van dit artikel download pdf

Helaas kunnen wij haar redenatie niet steunen en plaatsen wij met navolgende opiniestuk commentaar bij dit artikel.

Wat jammer dat mevrouw van Eijk zaken door elkaar haalt met betrekking tot de noodzaak van massale huisvesting van arbeidsmigranten.  Sinds de herziening van het beleid inzake deze huisvesting, medio 2018, lijkt de spraakverwarring steeds Babylonischer te worden. In de gemeentelijke beleidsnotitie die door de raad is goedgekeurd in december 2018, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen zogenaamde long-stay migranten (die besloten hebben om zich hier blijvend te vestigen) en short-stay migranten die hier voor korte tijd werken om vervolgens naar het thuisland terug te keren. Dat de long-stay migranten een aandeel van de toch al krappe woningmarkt claimen lijkt mij evident en dat we hier opnieuw een mogelijk toekomstig integratieprobleem binnen halen, moet ook een punt van zorg zijn. Maar daar is de heisa niet om begonnen!  Het gedoe concentreert zich op de flexibele schil van handjes voor het werk dat onze eigen bevolking niet meer wil doen of kan doen omdat het dan te duur is. Hier zijn handige zakenlieden op ingesprongen die zowel de bemiddeling van buitenlandse arbeiders als ook hun huisvesting regelen. Daardoor dragen de ondernemers, die gebruik maken van deze handjes, geen verantwoordelijkheid voor hun werknemers meer en is hun zakelijk risico in deze nihil. Zouden nu deze laatstbedoelde ondernemers zelf zorg moeten dragen voor wettelijk geregelde huisvesting – op hun eigen bedrijfsterrein – en ook de bijkomstige zorgen hebben over aanname en ontslag, dan zou dit verdienmodel minder succesvol zijn. Maar nee, onze overheid gelooft nog steeds in de noodzaak tot eenzijdige economische groei en wil actief bemiddelen door massale huisvesting te faciliteren, waarbij de maatschappelijke kosten voor rekening van de burger komen en de arbeidsbemiddelaars en -gebruikers van dit verdienmodel profiteren.

Werd in aanloop naar de vastgestelde beleidsnota gegoocheld met cijfers over de thans binnen onze gemeente verblijvende arbeidsmigranten en de toekomstige behoefte aan huisvesting, nu blijkt dat er een ‘taskforce arbeidsmigranten’ vanuit de provincie is aangesteld om de behoefte inventariseren. Dus voorheen wist men het niet en nu ook niet. Waarom dan al zo groots inzetten met de ‘voorbeeldfunctie’ van de huisvestingsmogelijkheden van 1000 short-stay arbeidsmigranten? Terwijl onze buurgemeenten zich in diep zwijgen hullen en het er alle schijn van heeft dat de arbeids-migranten op het voormalige kazerneterrein helemaal niet in Weert, maar in de wijde regio inclusief België werkzaam zijn als pluimveelaadploegen en in dito slachterijen!

Inderdaad, er was niets geregeld bij het voormalige kazerneterrein en het was een zooitje (en soms nog). Daar zijn ongetwijfeld wijze lessen uit geleerd, helaas ten koste van de omwonenden. Maar laten we ook eerlijk zijn naar al die toekomstige omwonenden van een grootschalige huisvesting: op papier kun je veel regelen, maar het valt en staat bij de handhaving van de regels. En dat is de achilleshiel van onze overheid! Laat ze daar haar energie in steken in plaats van dit twijfelachtig beleid door te drukken.

Frans van Tuel

secretaris Stichting Wijkraad Rond de Kazerne, Weert